Ontwerp Bestemmingsplan Buitengebied Noord

Publicatiedatum: 
28 sep 2016
Burgemeester en wethouders van de gemeente Bodegraven-Reeuwijk maken bekend dat vanaf donderdag 29 september tot en met 9 november 2016 het ontwerpbestemmingsplan en de ontwerp-milieueffectrapportage “Buitengebied Noord” ter inzage liggen, waarover iedereen een zienswijze kenbaar kan maken. Met deze publicatie wordt voldaan aan artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 7.27 van de Wet milieubeheer.

Plangebied

Het bestemmingsplan “Buitengebied Noord” heeft betrekking op het noordelijk deel van het buitengebied van de gemeente Bodegraven-Reeuwijk en wordt globaal begrensd door:

  • het tracé van de spoorlijn Leiden – Utrecht;
  • delen van de gemeentegrens met de gemeenten Alphen aan den Rijn, Nieuwkoop en Woerden;
  • delen van het tracé van Rijksweg A12;
  • delen van de Enkele Wiericke en
  • plangrenzen van de bestemmingsplannen ‘Plassengebied’, ‘Reeuwijkse Hout 2016’ en ‘Bodegraven-Oost’, ‘Weideveld’ en ‘Kern Bodegraven’.

Hoofddoelen van het bestemmingsplan

Het bestemmingsplan dient ter actualisatie en harmonisatie van delen van de huidige bestemmingsplannen “Buitengebied Bodegraven” van 2004, “Buitengebied Bodegraven- reparatieherziening” van 2009 en “Plassen, Natuur en Weidegebieden” van 1998. De actualisatie is in principe gericht op:

  • de bestendiging van de huidige bestemmingen en hoofdfuncties in het buitengebied en
  • een geactualiseerde verankering van het Natuurnetwerk Nederland NNN (voorheen ecologische hoofdstructuur - EHS) in de planstukken van het nieuwe bestemmingsplan.

De nieuwe planologische verankering van het natuurnetwerk is noodzakelijk, omdat aan provinciale zijde eind 2013 / begin 2014 de herijking van de voormalige EHS is afgerond. Op grond van het nieuwe provinciale beleid is de gemeente gehouden, de voorschriften en contouren uit het geldende bestemmingsplan aan te passen aan de gewijzigde beleidskaders.

Gemeentelijke inspanningen rond herijking beleidskader natuur

Aan het herijking van het natuurnetwerk door de provincie Zuid-Holland is een intensief discussie- en overlegtraject vooraf gegaan. Daarbij hebben omvang en reikwijdte van de landelijke en provinciale natuurdoelen centraal gestaan en zijn van gemeentezijde herhaaldelijk vraagtekens geplaatst bij onder andere:

  • toenemende ruimteclaims en contour voor het NNN
  • de zware focus op zeer natte natuurdoelen
  • de beperkte aandacht voor functionele belemmeringen door het spoor- en hoofdwegennet
  • veronderstellingen ten aanzien van toekomstig water- en peilbeheer en
  • de financiële haalbaarheid van het natuurnetwerk.

Geconstateerd kan worden, dat het langdurige discussieproces rond de voormalige EHS op cruciale punten tot wijzigingen in het hogere overheidsbeleid heeft geleid. Daarbij zijn de natuurdoelen zowel in kwantitatief opzicht als in kwalitatief opzicht veranderd. Belangrijke wijzigingen zijn onder meer:

  • de kleinere omvang aan zeer natte natuurdoelen (ca. 160 ha in plaats van 320 ha)
  • de ruimere omvang voor expliciet weidevogelgrasland (ca. 250 ha in plaats van 100 ha) en 
  • een gedegen toetsing van de financiële haalbaarheid van het natuurnetwerk.

Status: Ontwerpbestemmingsplan

Rekening houdend met het vorenstaande is in de afgelopen maanden de uitwerking van het ontwerpbestemmingsplan Buitengebied Noord afgerond. Daarbij zijn 86 inspraakreacties en vooroverlegreacties van specifieke instanties en overheden betrokken, die tijdens de inspraakperiode in het voorjaar van 2014 zijn ingediend. Verder is rekening gehouden met de resultaten van het milieueffectrapport voor het bestemmingsplan (plan-MER), waarmee mogelijke effecten van toekomstige natuurontwikkeling in beeld zijn gebracht.

Zowel de reacties als de resultaten van het plan-MER hebben aanleiding gegeven, tot wijziging van de planregels, verbeelding en toelichting uit het voorontwerpbestemmingsplan van 2014. De gewijzigde planstukken vormen samen het ontwerpbestemmingsplan en worden thans voor de wettelijk bepaalde ter inzage legging aangeboden. Het ontwerpbestemmingsplan gaat vergezeld van het plan-MER, waarmee de effecten van het nieuwe bestemmingsplan zijn getoetst. De rapportage dient als onderbouwing van het (ontwerp)bestemmingsplan.

Downloads - documenten